dune

Dune review - Het lot van Part Two ligt in onze handen

Geplaatst: 20 september om 10:47Aangepast: 20 september om 10:55
In dezelfde bioscoop waar Wouter een paar weken daarvoor weggeblazen werd door een preview van Denis Villeneuve’s nieuwste film, aanschouwde hij ook de volledige versie van Dune. Het is dat de stoelen in Pathé Arena’s IMAX niet naar achteren kunnen klappen, anders was hij stijl achterover geslagen.

In deze blog heb ik mijn liefde voor Dune al proberen te omschrijven, een liefde die meerdere decennia teruggaat. Er was namelijk ooit een periode in mijn leven dat ik nog boeken las, voordat ik besloot dat dat comics, games, films en series al meer dan genoeg van mijn tijd opslokten en ik die hobby dropte. Doordat mijn broer me op piepjonge leeftijd slapeloze nachten bezorgde door me de muzikale versie van The War of the Worlds op lp te laten horen, bestonden mijn vroege fascinaties vooral uit horror-, fantasy- en scifiboeken. 

Via Robert R. McCammons Stinger en Stephen King z’n The Tommyknockers (ik las het als guppie in het Nederlands met de titel De Gloed), beide horrorboeken over buitenaardse bedreigingen, kwam ik al snel terecht op de scifi-klassiekers. Isaac Asimov was net even te moeilijk voor mijn kinderbrein en ook Robert A. Heinlein snapte ik amper, maar via Dan Simmons’ Hyperion kwam ik terecht bij de heilige scifi-graal: Frank Herberts ‘Duin’ (1965). Het boek wist onmiddellijk mijn aandacht te grijpen en liet het niet meer los. Nou ja, tot aan het vierde boek dan, want tegen die tijd was de hoofdrolspeler een God Emperor: een onsterfelijke, halve zandworm (don’t ask), dus toen verloor ik enigszins mijn binding met het verhaal. Het eerste boek van de Dune-serie daarentegen? Een onvergetelijk meesterwerk.

Dune: bijna niet te Dune

Het boek van Frank Herbert had niet alleen een enorme invloed op mij en mijn toekomst als geek, het wist ook mensen met échte talenten te inspireren. Dat onder andere omdat ene Alejandro Jodorowsky in de jaren 70 probeerde een film te maken over Dune, daar helaas in faalde, maar gedurende het proces een hele generatie aan filmmakers inspireerde. Dune is daarmee indirect verantwoordelijk voor Star Wars, Alien, Blade Runner en zelfs Nausicaä Of The Valley Of The Wind, buiten het feit dat we ook het bestaan van Warhammer 40.000, Wheel of Time en Game of Thrones te danken hebben aan Frank Herbert z’n scifi-epos.
Na Jodorowsky’s poging, eh… ‘slaagde’ David Lynch er in 1984 wél in om Dune te verfilmen, een versie van het verhaal waar op z’n zachtst nogal wat verdeeldheid over heerst. Er volgden nog miniseries in 2000 en 2003, met rollen voor niemand minder dan James McAvoy, William Hurt en Susan Sarandon, maar daar heeft volgens mij alleen een tienjarige Wouter Brugge van genoten. Het is dus hoog fucking tijd voor een nieuwe Dune-verfilming, hoewel het misschien goed is dat er gewacht is totdat Denis Villeneuve genoeg naam heeft gemaakt om deze monstertaak op zich te nemen. Want als de regisseur van Arrival, Blade Runner 2049 en Sicario geen waardige bioscoopervaring kan maken van deze legendarische scifi-klassieker, dan kan niemand het.
Dune

Waar is Dune om te Dune? 

De verfilming van Dune is op z’n zachtst gezegd een risico voor Warner Bros.. Niet alleen door Corona, waardoor de film een jaar is opgeschoven en het met een aangepast releasemodel nog maar de vraag is of het genoeg weet op te leveren. Maar ook omdat het bronmateriaal nou niet bepaald ‘lichte entertainment’ is. Dune gaat over politiek, over de menselijkheid van leiders, kent flinke thema’s zoals de invloed van de mens op ecologie, vrije wil en religie. Het heeft wel een budget van 165 miljoen dolar, maar het is niet bepaald een laagdrempelige blockbuster. Jungle Cruise, The Tomorrow War of F9 bijvoorbeeld, daar kan iedereen in theorie wel van genieten. Dune vereist een andere instelling van haar publiek, want hierin hoef je niet elke 30 seconden een grap te verwachten zoals in de gemiddelde Marvel-film.
Meteen als de film begint, voel je het gewicht van Dune. Het verhaal van Paul Atreides, jonggeborene in een nobele familie die van een intergalactische keizer de opdracht krijgt om de heerschappij over te nemen van de belangrijkste planeet in het universum, Arrakis, is een serieuze kwestie. Deze ernst druipt van de serieuze blikken van de hoofdrolspelers af, en wordt extra benadrukt door de verzadigde, bijna filmhuisachtige kleuren waarmee de film doordrenkt is. Maar je merkt het met name aan de bombastische, doordringende soundtrack van Hans Zimmer, die met behulp van keelzang, doedelzakken en nog veel meer ongebruikelijke instrumenten je van je tenen tot aan het topje van je schedel laat sidderen.

Niet te Dune zo mooi

Wie Blade Runner 2049 gezien heeft, weet dat regisseur Denis Villeneuve wel om weet te gaan met zwaarmoedige sciencefiction. Voor die sequel wist hij, samen met cinematograaf Roger Deakins, de prachtigste, meest tot de verbeelding sprekende shots te maken die sinds Mad Max: Fury Road mijn ogen hebben gestreeld. Nu doet hij dat met een andere director of photography, Greig Fraser, die ook de plaatjes van meerdere The Mandalorian-afleveringen, The Batman, Star Wars: Rogue One en Let Me In verzorgde. Dit duo weet van Dune misschien wel de mooiste, esthetisch gezien meest indrukwekkende film van de afgelopen tien jaar te maken, want ik heb onnoemelijk vaak iets gezien wat ik als schilderij in m’n huis wil ophangen. Vooral als er ruimteschepen of interieurs te zien zijn, wist ik regelmatig niet wat ik zág. Zo mooi is alles bedacht, gekaderd en in beeld gebracht. 

De combinatie van de doordringende muziek en de manier waarop de makers hun tijd nemen om buitenaards mooie vergezichten, gigantische ruimtes en machtige machines voor je ogen te laten glijden, zorgden er soms voor dat ik zelfs een beetje emotioneel werd. Dat natuurlijk in combinatie met de geschiedenis die ik heb met het bronmateriaal, maar zelfs als niets met Dune hebt dan zou je best wel eens geraakt kunnen worden door deze film. In IMAX, met dat brullende, perfect gebalanceerde geluid (ga daarvoor in het midden van het midden zitten) en het 22 meter brede scherm, knalt Dune je zintuigen binnen als een zandworm die de oppervlakte van de woestijn doorbreekt. De enige manier waarop je deze analogie volledig kunt begrijpen, is door het zelf te gaan meemaken.
Dune

Gewoon Dune

Los van het ongelooflijke geluid en de simpelweg zinderende beelden, hangt Dune aan elkaar van de soms gewaagde, maar sterke keuzes. Niet in het minst de casting, want hoewel Zendaya en Timothée Chalamet natuurlijk enorme tieneridolen zijn die ook hun specifieke doelgroepen moeten aantrekken, zijn het vooral fantastische acteurs. Minstens zo fantastisch als Oscar Isaac trouwens, wiens verbeelding van Leto Artreides de nobelheid uit z’n poriën doet spuiten. Rebecca Ferguson laat daarnaast het breedste bereik aan emoties zien, van moederlijke bezorgdheid tot aan de angstaanjagende razernij van een Bene Gesserit-heks, en alles daartussenin. En als je niet onder de indruk bent van dat viertal, dan zijn er nog de niet geringe namen van Sharon Duncan-Brewster, Josh Brolin, Stephen McKinley Henderson, Jason Momoa, Javier Bardem, Stellan Skarsgård, Dave Bautista of David Dastmalchian om je te behagen.

Van de brute verschijning van de Sardaukar, tot aan de explosieve gevechten in Arrakeen, van de eerste keer dat een zandworm het beeld vult, tot aan een opstijgende Baron Harkonnen: Dune zit vol met momenten waar mijn kaak van openklapte. Het enige nadeel is dat dit Part One betreft en ik dus gedurende het laatste half uur van de film me, enigszins verontrust, begon af te vragen wanneer en hoe het verhaal afgekapt zou worden.
Ik moet toegeven dat dit niet bepaald op subtiele en al helemaal niet op bevredigende wijze gebeurt, waardoor het einde van de film aankomt als een gut punch. Zeker omdat het tweede deel nog niet eens geschoten is en het überhaupt nog onzeker is of Dune: Part Two wel gemaakt gaat worden. Maar mocht iedereen die dit leest op z’n minst een keer of twintig naar een voorstelling van Dune gaan, dan komen we samen vast een heel eind. Want deze aanstaande scifi-klassieker verdient een vervolg. En misschien wel nog een, en nog een, net zolang tot het hoofdpersonage een God Emperor-halfworm is.

Conclusie

Wouter BruggeWouter is de hoofdredacteur van Power Unlimited magazine. Dat klinkt serieus, maar zijn liefde voor sci-fi-, fantasy-, horror- en superhelden- films en series, houdt hem jong en dom.

Lees Meer


Power UnlimitedLaden..
Power UnlimitedLaden..

Opmerkingen

Login of maak een account en praat mee!

Er zijn nog geen reacties geplaatst.Login om een reactie te plaatsen.

Gerelateerde artikelen

Meer artikelen tonen
Power UnlimitedLaden..
Power UnlimitedLaden..
Power UnlimitedLaden..
Power UnlimitedLaden..