LEGO Skylines ziet eruit als een kinderfeestje, maar na zeven uur spelen blijkt het een serieuze citybuilder met verrassend veel diepgang.
Het klinkt als een grap die iemand op een brainstorm roept vlak voor de lunch. LEGO plus citybuilder, klaar. Maar Iceflake Studios, dezelfde Finse club die tegenwoordig Cities Skylines 2 onder handen heeft, werkt hier al vijf jaar aan. En dat merk je. LEGO Skylines voelt niet als een reskin met een plastic laagje, maar als een eigen ding. Je begint met één gezin op een eiland, geen skyline, niet eens een weg. Een huis, een stijl kiezen, een barbecue ernaast, en langzaam groeit dat uit tot een straatje. Wie ooit een Cities-game opstartte en meteen werd overspoeld door verkeersoverlays, voelt het verschil direct. Hier begin je met een tuin.
PLASTIC MET PERSOONLIJKHEID
Het grootste verschil met Cities zit in de manier waarop je bouwt. Je zet hier niet alleen een wijk neer en laat de simulatie de rest bepalen. Je kiest zelf welk huis waar komt te staan, met stijlen als Tudor, strandhuis, flatje en blokhut. Elk huishouden heeft bovendien een eigen smaakprofiel, Flavor genoemd, dat bepaalt welke decoraties ze waarderen. Zet de juiste plantenbakken en vijvers rond een huis en de appeal schiet omhoog. De game dook eerder al op bij het Koreaanse ratingboard, maar tijdens Gamescom Opening Night Live 2026 werd pas echt duidelijk welke kant Iceflake op wil.
In het begin gooide ik vooral neer wat de game van me vroeg. Het resultaat was een wijk waar geen enkele architect trots op zou zijn. Pas toen ik huizen bewust ging groeperen en per buurt een stijl koos, begon het geheel ergens op te lijken. LEGO Skylines draait daarmee minder om de perfecte infrastructuur en meer om het bouwen van een straat waar je zelf graag doorheen zou lopen.

VUIL, STROOM EN ANDERE VOLWASSEN PROBLEMEN
Achter die vrolijke LEGO-blokjes zit verrassend veel simulatie. Je moet rekening houden met stroom, water, afval, onderwijs en gezondheidszorg. Gebouwen zijn bovendien uit te breiden met modules die hun bereik vergroten, maar daar staan vaak hogere kosten of extra vervuiling tegenover. Ook beleid, belastingen en budgetten spelen een rol, al kreeg ik daar tijdens de preview nog niet genoeg van mee om er echt een oordeel over te vellen.
Niet alles voelt momenteel even goed uitgebalanceerd. Mijn late-game stad had ongeveer tweeduizend inwoners, maar zelfs met een stuk of twaalf afvalcentrales bleef het vuil zich opstapelen. Hetzelfde gebeurde bij het onderwijs. Ik had meerdere scholen en zelfs een universiteit, terwijl een flink deel van mijn bevolking toch laagopgeleid bleef. Dat lijken vooral systemen die nog wat bijgeschaafd moeten worden, maar tijdens het spelen begon het wel te irriteren.

BLOKKEN MET AMBITIE
De industrie pakt LEGO Skylines een stuk eenvoudiger aan dan Cities. In plaats van een uitgebreid productiesysteem krijg je kleurgecodeerde goederen die winkels nodig hebben. Zelf importeren kan ook, maar dat gaat ten koste van je winst. Die eenvoud werkt eigenlijk prima en geeft je bovendien een reden om bepaalde gebieden rond specifieke producten te bouwen. Zo had ik een boerenwijk met vier actieve boerderijen op een stukje grond waar je in Cities met moeite één kwijt zou kunnen.
Leisure is misschien wel het leukste systeem. Door meer recreatiegebouwen te plaatsen, ontgrendel je steeds nieuwe mogelijkheden. Je begint met iets simpels als minigolf en kunt uiteindelijk een stadion neerzetten dat evenementen organiseert voor de hele stad. Je kunt gebouwen ook combineren tot wijken met een eigen sfeer. Een muziekcafé, skatebaan en wat graffiti voor een bohemienbuurt, of juist een theater met een duur restaurant voor de rijkere inwoners. Het heeft iets van SimCity met een enorme LEGO-doos ernaast, en dat werkt verrassend goed.

VERKEER IS ER WEL, MAAR NAUWELIJKS
Wie aan Skylines denkt, denkt waarschijnlijk ook aan verkeer. In Cities Skylines 2 kan een file al snel belangrijker worden dan de rest van je stad. LEGO Skylines kiest duidelijk voor een andere aanpak. Auto’s zijn er wel, maar spelen nauwelijks een hoofdrol. Bewoners stappen uit, de auto valt uiteen in een wolkje blokjes en klaar. Parkeerplaatsen zijn er niet en zelfs in mijn grotere late-game stad kwam ik nauwelijks files tegen.
Dat is een bewuste keuze van Iceflake. LEGO Skylines wil vooral een gezellige citybuilder zijn en geen verkeerssimulator. De uitdaging zit daarom in het tevreden houden van je bewoners en het bouwen van buurten die bij hun wensen passen. Of dat op de lange termijn genoeg diepgang geeft, moet nog blijken. Na zeven uur moest ik mezelf in ieder geval letterlijk losrukken van de game om verder te gaan met mijn quests. Ik was veel te druk met het bouwen van de perfecte buurt.
LEGO Skylines heeft nog geen releasedatum, maar staat gepland voor 2027 op pc, PlayStation 5, Xbox Series X/S en Switch 2.