Peter Berg werd eerder deze maand aangekondigd als regisseur van de Call of Duty-verfilming, die op 30 juni 2028 in de bioscopen moet verschijnen. Een opvallende keuze, want Berg had in 2013 niet bepaald warme gevoelens voor de game-industrie, en al helemaal niet voor de franchise die hij nu naar het witte doek moet brengen.
In een interview met Esquire uit december 2013 werd Berg gevraagd naar zijn mening over oorlogsvideogames. Zijn antwoord was kort en niet bepaald genuanceerd: “Pathetic. Pathetic. Keyboard courage. Can’t stand it.” De enige gamers die hij een vrijbrief gaf waren militairen die zich verveelden op hun basis. Kinderen? Nee. Iedereen die vier uur achter een game zit? “It’s weak. Get out, do something.”
Berg presenteerde zich in datzelfde interview als een soort cultureel prediker van Amerikaanse mannelijkheid. Amerika was te soft geworden, vond hij. Iedereen krijgt een trofee, niemand beweegt genoeg, en de enige mensen met een echte werkethiek zijn Navy SEALs. Hij had net Lone Survivor gemaakt, een film over precies dat soort stoere mannen, en was duidelijk nog in die modus.
Nu, dertien jaar later, regisseert diezelfde Berg een film gebaseerd op een van de bestverkopende gamereeksen aller tijden. Een franchise die hij destijds expliciet bij naam noemde als voorbeeld van alles wat er mis was met de moderne cultuur. Of Berg inmiddels anders denkt over games, of dat het budget van Paramount en Microsoft overtuigender was dan zijn principes, is niet bekend. Het interview is in elk geval nog gewoon online te lezen bij Esquire.